Pup en Kitten

Inleiding
Kunstmatig opfokken van pups en kittens kan nodig zijn wanneer de moeder is overleden en er geen pleegmoeder kan worden gevonden. Een gedeeltelijke verzorging is soms nodig wanneer de teef of de poes ziek is of om andere redenen te weinig of geen melk heeft.
Vaak moet een pup of kitten ook de eerste dagen worden bijgevoerd omdat ze een te laag geboortegewicht hebben of te zwak zijn, om welke reden dan ook. De oorzaken daarvoor kunnen velerlei zijn: zwakte, zuurstoftekort, ziekten bij de pups of kittens.

pupje bulldog kitten fles voeding klein kitten in hand
Links: pup van een Bulldog. Midden: kitten wordt met de fles gevoerd. Rechts: een nog 'blind' kitten in de hand



Huisvesting
De jongen kunnen het beste op een schone deken of op kranten worden gehuisvest. Zaagsel is ongeschikt omdat daarmee makkelijk infecties kunnen optreden. De eerste week is een omgevingstemperatuur van 30-32 graden Celsius gewenst, later mag dat naar de 24 graden toe.

Melkvervanger
Het makkelijkst (en dat geniet bovendien ook erg de voorkeur!) is een kunstmelk voor kittens en pups te gebruiken. Deze zijn bij de dierenarts verkrijgbaar.

Zelf bereiden van puppymelk is niet makkelijk, maar in geval van nood kun je het volgende zelf mengen, voor zover de ingrediënten tenminste beschikbaar zijn:
500 gram volle melk
470 gram eieren (ongeveer 9 eieren, dooier + wit)
60 gram slagroom (40% vet)
15 gram glucose (druivesuiker)
4 gram citroenzuur
1 gram fosforzure kalk
9 gram melkzure kalk
Als dit mengsel langer dan enkele dagen wordt gevoerd, moet je de eieren eerst koken om de avidine (een enzym wat biotine bindt en daarmee een biotine-tekort veroorzaakt) onwerkzaam te maken. Daarna is het lastig er weer een suspensie van te maken.

Kunstmatige poezenmelk:
100 gram volle melk
20 ml slagroom
1 afgestreken eetlepel Protifar (een eiwitrijke dieetvoeding in poedervorm van Nutricia). Ook dit liefst niet te lang geven, omdat katten erg gevoelig zijn voor een tekort aan taurine.

Voeding en verzorging
De eerste week moet je ze minimaal 8 maal daags voeren, om de 3 uur. Weet dus waar je aan begint... Eventueel kun je ook overdag 7 maal voeren om de 2 uur en 's nachts om de 4 uur.
De voeding moet je geven met een speenflesje. Pas op voor verslikken en daarmee een longontsteking.
Een andere manier is het gebruiken van een kleine maagsonde en daar op een injectiespuit gevuld met warme ('au bain Marie') kunstmelk. Het voordeel daarvan is dat de dieren zich niet kunnen verslikken en dat je precies de hoeveelheid benodigde melk kunt toedienen. Bovendien is het makkelijk en werkt heel snel.
Overleg met uw dierenarts hoe dat moet.

Na elke voeding moet je de buikstreek en het gebied rondom de anus masseren met een nat watje om het poepen en plassen te stimuleren.
Na 3 weken kun je ze leren om van een schotel te eten. Daarvoor kun je kunstmelk met blikvoer mengen. Als ze dit eten kun je geleidelijk helemaal op blikvoer overgaan.

Een pup groeit gemiddeld 1,5-4 gram per 24 uur per kilogram van het te verwachten volwassen gewicht. 
Een kitten met een geboortegewicht tussen de 90 en 140 gram groeit meestal 15 gram per dag. Oosterse rassen en Abessijnen zijn doorgaans wat lichter en groeien dus wat minder snel.
Pups en kittens die met de hand worden grootgebracht groeien meestal minder hard dan jongen die in een normale situatie verkeren waarbij de moeder voor haar jongen zorgt.

© 2016 Dierenkliniek Vrieselaar
Vissersburen 1
8531 EB Lemmer
0514 - 564433
Contact-formulier

Leerzaam en leuk om te doen:
DIERENQUIZ
PAARDENQUIZ
Het is vandaag